Info

Kennisnet podcast

In de Kennisnet podcast hebben we het over onderwijsvernieuwing en innovatieve toepassingen van informatietechnologie in de onderwijspraktijk.
RSS Feed Subscribe in iTunes
2017
June
May
April
March
February
January


2016
December
November
October
September
July
June
March
February
January


2015
December
November
October
September
August
June
May
April
March
February
January


2014
December
November
October
September
June


All Episodes
Archives
Now displaying: Page 1

In deze podcasts bespreken we recente ontwikkelingen in ict-technologie in relatie tot (innovatief) onderwijs.
We maken interviews met onderwijsmensen over actuele thema's in onderwijs en ict (door Frans Schouwenburg en Michael van Wetering). Daarnaast analyseren we technologie-nieuws op relevantie voor scholen en impact op hun ict-plannen (door Olaf de Groot, Wietse van Bruggen en Michael van Wetering).

Je kunt hier podcasts beluisteren of abonneren in iTunes of je favoriete podcast client.
Feedback en suggesties zijn welkom, b
edankt voor je belangstelling!

Jun 13, 2017

‘’Het gesprek over het digitale leven van leerlingen in het hier en nu, moet veel meer gewicht krijgen.” Dat zegt pedagoog Joop Berding, in gesprek met Remco Pijpers in deze Kennisnet podcast over leerlingen in de huidige digitale samenleving. Berding laat zich hierbij inspireren door pedagoog Janusz Korczak.   

Joop Berding is pedagoog, docent en onderzoeker op Hogeschool Rotterdam en auteur van het boek ‘Ik ben ook een mens’. Daarnaast is hij Korczcak-kenner.

Grondlegger kinderparticipatie

Janusz Korczak was een Poolse-Joodse pedagoog, die ook wel de grondlegger van de kinderparticipatie wordt genoemd. In 1919 formuleerde hij, ver voor het officiële Verdrag over de rechten van het kind, zijn ‘Grondwet over de rechten van het kind’. Daarin staat onder andere:

  • dat een kind recht heeft op de dag van vandaag
  • dat een kind het recht heeft te zijn wie het is.

In 1912 stichtte hij een weeshuis, waarmee hij zijn ideaal in de praktijk bracht. Kinderen betrok hij bij de dagelijkse gang van zaken, onder andere door het instellen van een kinderparlement, en het oprichten van een krant - de eerste ter wereld waarvan de redactie geheel uit kinderen bestond. De geschiedenis van deze ‘kinder-republiek’ kende een verdrietig einde. In 1942 werden alle inwoners van het weeshuis vanuit het getto van Warschau naar Treblinka getransporteerd. Korczak kreeg de kans te ontsnappen, maar hij koos ervoor tot het einde bij de kinderen te blijven.

Wat zou Korczak aanspreken uit onze digitale tijd?

"Korczak was voor het meedoen van kinderen,” zegt Berding. “Hij was iemand die, als hij nu zou leven, de uitvinder kon zijn van sociale media. Hij zou er enthousiast over zijn omdat ze kinderen de mogelijkheid geven zelf internetpagina’s te maken. Zijn krant, de Kleine Revue, zou zeker een Facebook-pagina hebben gekregen. Tegelijkertijd vond hij een kindgerichte en gemeenschapsgerichte cultuur belangrijk, een cultuur waarin kinderen volledig tot hun recht komen. Maar wel binnen een zo rechtvaardig mogelijke samenleving.”  

Berding vraagt zich af of sociale media wel zo kind- en gemeenschapsgericht zijn. “Janusz Korczak zou kritisch zijn. Tellen kinderen werkelijk mee voor sociale media-bedrijven? De advertenties die kinderen over zich heen krijgen, spreken boekdelen.”

 

May 24, 2017

Er zijn steeds meer concrete toepassingen van kunstmatige intelligentie voor het onderwijs. Deze conclusie trekken Els Booij, Wietse van Bruggen en Michael van Weterering na hun bezoek aan de SXSW Interactive conferentie in Austin, Texas. In de nieuwe Kennisnet podcast vertellen zij over de laatste ontwikkelingen op het gebied van kunstmatige intelligentie en robots.

Els Booij, Wietse van Bruggen en Michael van Wetering zijn Kennisnetexperts en houden zich onder andere bezig met het verkennen, analyseren en duiden van nieuwe technologietrends. Ze kijken vooral kritisch naar de toegevoegde waarde van technologie voor (de organisatie van) onderwijs. Op de SXSW Interactive conferentie bezochten zij sessies over kunstmatige intelligentie (artificial intelligence), slimme computers, algoritmen en robots. Welke ontwikkelingen vielen hen op?

Ontwikkeling van slimme robots staat nog in de kinderschoenen
Spraakherkenningstechnologie ontwikkelt zich razendsnel, maar de ‘persoonlijke vaardigheden’ van kunstmatige intelligentie staat nog in de kinderschoenen. Echt menselijk lijkend gedrag vertonen ze nog niet. ”Het schrikbeeld van een slimme supercomputer die de mensheid wil uitroeien, is nog steeds science fiction”, concludeert Els Booij. Dit komt doordat slimme robots en computers vooral werken op basis van informatie die wij mensen ze hebben gegeven en geleerd. Ze ontwikkelen zichzelf vanuit de beginsituatie, geprogrammeerd door mensen.

Michael van Wetering vergelijkt de huidige ontwikkeling van kunstmatige intelligentie met de tijd van de Wright Brothers in de luchtvaart: het komt van de grond, maar onbedoeld stort er ook nog wel eens wat neer. De luchtvaart heeft zich daarna in relatief korte tijd zeer sterk ontwikkeld. Experts zeggen dat dit groeiscenario ook voor kunstmatige intelligentie zeer goed mogelijk is.

Profiteren van slimme computers, algoritmen en robots
Dagelijks maken we allemaal al gebruik van ‘machine learning. Machine learning is een vorm van intelligentie waarbij computers patronen herkennen, en vervolgens uit die patronen leren. “Een voorbeeld is het gebruik maken van een e-mailprogramma of door het uitvoeren van een zoekopdracht op je telefoon via spraakherkenning. Diensten voor e-mail kunnen bijvoorbeeld zelf spam wegfilteren doordat het systeem, door de grote hoeveelheid e-mail die het verwerkt, kenmerken van spam e-mails heeft leren herkennen” vertelt Wietse van Bruggen.

Binnen het onderwijs zijn al veel oefen- en toetsprogramma’s in gebruik die zich slim aanpassen aan het niveau van de leerling. Michael van Wetering ziet in de nabije toekomst mogelijkheden op het gebied van stelopdrachten. ”Deze zijn essentieel in de taalontwikkeling van leerlingen, maar kosten veel tijd om na te kijken. Tekstanalyse en feedback inspreken en deze om laten zetten naar tekst zou je door middel van kunstmatige intelligentie kunnen uitvoeren. Dit levert de leraar veel tijdwinst op en leerlingen krijgen sneller feedback.” Andere mogelijkheden liggen op het gebied van ‘factcheckers’: slimme computerprogramma’s die uitspraken in film of tekst op waarheid kunnen beoordelen. In het kader van mediawijsheid en kritisch nadenken in een wereld vol alternatieve feiten, is dit een zeer waardevolle toepassing van kunstmatige intelligentie, denkt Els Booij.

Risico’s kunstmatige intelligentie
We moeten toe naar een situatie waar we nog steeds begrijpen hoe  kunstmatige intelligentie tot een bepaalde conclusie komt, vindt Michael van Wetering. Dat betekent dat deze slimme computers ons op een simpele manier moeten uitleggen hoe ze een heel complexe opdracht hebben uitgevoerd. Op deze manier gaan we niet blind af op de conclusie die kunstmatige intelligentie trekt. Zo wordt kunstmatige intelligentie meer ‘aanvullende intelligentie’ (augmented intelligence), waarbij computers ons helpen bij het maken van de juiste beslissingen, in plaats van dat ze het werk van ons overnemen.

Wietse van Bruggen ziet ook nog wel andere gevaren. ”Je kunt kunstmatige intelligentie bijvoorbeeld ook foute dingen aanleren, zodat deze bijvoorbeeld een stopbord als een voorrangsbord interpreteert. Dit soort risico’s worden gelukkig onderkend door vooraanstaande onderzoekers op dit gebied. Zij gaan daarom ook actief aan de slag met dit soort vraagstukken”.

Beluister de podcast met de experts van Kennisnet
Beluister hieronder de Kennisnet podcast of abonneer je via iTunes op de podcasts van Kennisnet. Op kn.nu/kennisnetpodcast vind je een overzicht van eerdere podcasts.

Apr 19, 2017

Technologie is geen vereiste voor onderwijs dat rekening houdt met de individuele behoeften van leerlingen, maar bespaart wel tijd. Deze conclusie trekken Els Booij, Wietse van Bruggen en Michael van Wetering naar aanleiding van hun recente bezoek aan de SXSWedu conferentie in Austin, Texas. Welke indrukken en inzichten hebben zij daar nog meer opgedaan? In deze Kennisnet-podcast vertellen zij over technologie die gepersonaliseerd leren ondersteunt.

Els Booij, Wietse van Bruggen en Michael van Wetering zijn experts bij Kennisnet en houden zich onder andere bezig met het verkennen, analyseren en duiden van nieuwe technologietrends. Ze kijken vooral kritisch naar de toegevoegde waarde van technologie voor (de organisatie van) onderwijs. Op de SXSWedu-conferentie vielen hen de volgende ontwikkelingen op.

Edbots beantwoorden vaakgestelde vragen en activeren leerlingen
Chatbots worden meer en meer ingezet door bedrijven die contact onderhouden met grote groepen klanten met vragen over producten of in administratieve processen. Deze toepassing staat in het onderwijs bekend onder de naam ‘Edbots’. Deze Edbots blijken succesvol bij het beantwoorden van vragen van leerlingen over hun opleiding, dit doen zij 24/7. Ook werken deze Edbots heel goed bij het stimuleren van leerlingen om net-op-tijd lesvoorbereiding te doen. Wietse vertelt bovendien hoe Edbots de ‘summer melt’ - vastlopende leerlingen in taaie inschrijfprocessen voor vervolgopleidingen – kunnen verlichten.

Virtual Reality: interessante technologie, terughoudend met toepassing in onderwijs
Hoewel VR (virtual reality) interessante technologie is, ontbreekt vooralsnog bewijs dat de technologie leeropbrengsten verhoogt. Daarnaast heeft de technologie vervelende bijeffecten, zoals misselijkheid en desoriëntatie, waar fabrikanten van de headsets ook voor waarschuwen. Zij adviseren beperkte toepassing bij kinderen onder de 12 jaar. Els Booij concludeert op basis van diverse presentaties bij SXSWedu dat de technologie zeker potentieel heeft maar dat vooralsnog terughoudendheid past bij de toepassing in het onderwijs.

Het gaat (weer) om onderwijs, ondersteund door technologie
Wietse van Bruggen ziet bij deze conferentie een breed publiek van onderwijsmensen, onderzoekers en kleine en grote marktpartijen die met elkaar in dialoog gaan over onderwijs en de bijdrage die technologie daaraan kan leveren. Zo’n dialoog is zeer waardevol maar helaas ook nog zeldzaam.
Tot haar spijt zag Els Booij geen verrassende nieuwe toepassing van technologie, hoewel we daaruit ook kunnen concluderen dat we in Nederland/Europa goed op de hoogte zijn van de belangrijkste ontwikkelingen.
Michael van Wetering constateert dat het Amerikaanse onderwijs zeer volwassen omgaat met de technologiemarkt door nadrukkelijk producten te selecteren die bewezen resultaten opleveren. Daarbij worden goede afspraken gemaakt over het eigendom van de data van leerlingen en leraren. Het onderwijs gaat bovendien pragmatisch om met innovatieve producten waarvan in eerste instantie vooral kwalitatieve resultaten beschikbaar zijn, het kwantitatief onderzoek komt immers pas beschikbaar als technologie enige tijd wordt toegepast.

Meer weten over de SXSWedu conferentie?
Beluister hieronder de Kennisnet podcast of abonneer je via iTunes op de podcasts van Kennisnet. Op kn.nu/kennisnetpodcast vind je een overzicht van eerdere podcasts.

Apr 7, 2017

De discussies over technologische toepassingen in de klas gaan volgens pedagoog Pedro de Bruyckere niet zozeer over techniek als wel over pedagogiek. “Het gaat eerder over vragen als ‘Hoe kun je een kind meer zeggingskracht geven?’ en ‘Hoe kun je een leerling meer autonoom laten werken?’,” legt hij uit in de Kennisnet podcast over digitale geletterdheid.

 Pedro De Bruyckere ( http://xyofeinstein.be/) is pedagoog en jongerenonderzoeker aan de Arteveldehogeschool in Gent. Hij schreef diverse boeken over de jongerencultuur, waaronder ‘Jongens zijn slimmer dan meisjes’ (2013) en ‘Meisjes kijken – meisjescultuur in de spiegel’ (2013).

Zijn boek Ik was 10 in 2015 publiceerde hij samen met collega Bert Smits. Hierin beschrijven zij de tendensen die invloed hebben op de levens van kinderen en jongeren.

Voor technologie in het onderwijs ziet De Bruyckere vooral een ondersteunende rol, legt hij in de podcast uit. De discussies over technologische toepassingen in de klas gaan volgens hem niet zozeer over techniek als wel over de manier van lesgeven: “Als je er op een afstand naar kijkt, merk je dat het eerder gaat over vragen als ‘Hoe kun je een kind meer zeggingskracht geven?’ en ‘Hoe kun je een leerling meer autonoom laten werken?’,” legt hij uit. Pedagogische discussies, noemt hij dit, waarbij het in feite gaat over ervoor zorgen dat kinderen zijn voorbereid op de toekomst. ”Je kunt ook werken met moderne technologie en  toch compleet ouderwets lesgeven, zonder dat er iets van gepersonaliseerd werken bij komt.”

Zo is hij ook niet onverdeeld positief over programmeren als vak in het onderwijs. “Volgens mij is er verwarring over of het een doel is of een middel,” zegt hij. Zolang het bedoeld is om kennis te maken met programmeren als vak, staat De Bruyckere erachter. Dat verandert zodra het een middel wordt om vaardigheden als probleemoplossend vermogen te verwerven, omdat daar meerdere methoden voor zijn.

Veel relevanter vindt hij het dat kinderen andere dingen leren. In de podcast gaat De Bruyckere in op het model van Unesco, met vaardigheden die leerlingen moeten leren voor de wereld van morgen. Samengevat gaat het om leren weten, leren ageren, leren samenleven en leren jezelf te zijn. De Bruyckere voegde daar ‘leren kiezen’ aan toe. Hij denkt dat dit nodig is vanwege de overvloed aan keuzemogelijkheden die kinderen hebben terwijl hun tijd beperkt is. “Hoe geef je aan kinderen mee dat niet alles kan? En hoe maak je goede afwegingen?”

Hij verwacht dat pedagogische discussies in de komende jaren gaan over de vraag hoe we jongeren de drie ingrediënten kunnen geven die zij nodig hebben voor hun ontwikkeling: ruimte, tijd en vergeten. ”Vroeger was de school de plek van de vrije tijd, de vrije ruimte,” zegt De Bruyckere. Vandaag de dag staan deze onder druk, constateert hij, bijvoorbeeld vanwege prestatiedruk.

Mar 20, 2017

“Heb een open relatie met je leerlingen en heb vertrouwen in ze. Het komt allemaal goed met ze, ook op internet.” Dat zegt Bart Ongering in de Kennisnet-podcast. Ongering staat beter bekend als ‘Meester Bart’. Op 30 maart is hij keynote-spreker op het VO-congres 2017.

Bart Ongering (35) is docent Engels op de Open Schoolgemeenschap Bijlmer in Amsterdam Zuidoost. Daarnaast is hij mentor van een examenklas en zorgmentor voor leerlingen met problemen. Maar hij is ook schrijver, met een column in de krant Trouw. Een verzameling columns is gebundeld in het boek ‘Meester Bart op zijn best’. En dan heeft hij ook nog duizenden volgers op Twitter en Facebook.

Hoe krijg je als leraar grip op leerlingen en hun digitale leefwereld?
"Het begint met je er bewust van zijn dat je leerlingen in een andere tijd opgroeien. Ze weten niet beter dan dat er internet is. Het is vanzelfsprekend voor ze. Ik ben 35 jaar. Wij kregen internet thuis in 1998. Voor ons is internet dus pas later in ons leven gekomen. Je hoeft leerlingen niet meer te leren hoe ze op internet gaan. Veel basisvaardigheden doen ze als vanzelf op. Je moet het meer met ze hebben over hoe je communiceert. Hoe stel je een goede e-mail op? Welke taal gebruik je? Welke boodschap wil je vertellen?

"Maar het is niet alleen internet. De leerlingen van nu zijn opgegroeid na de aanslagen op de Twin Towers 11 september 2001. Na de komst van de euro. Het is een andere generatie.
"Zelf zit ik op Facebook en Twitter, maar de leerlingen hebben me geleerd wat SnapChat is en hoe dat werkt. Daar had ik ze hard bij nodig. Dat was wel een reality-check: ‘O ja, meester Bart wordt ook ouder.’ Haha. Als leraar mag je ook je zwakte laten zien.

Wat speelt er bij leerlingen op internet? Wat hoor je als mentor?
"Ik vraag aan het begin van het schooljaar wie actief is op sociale media, en natuurlijk steekt iedereen zijn vinger op. Dan zien ze dat ze dat met elkaar gemeen hebben. Het mooie aan mentor zijn is dat je een vertrouwensband met je leerlingen kunt opbouwen. In mijn mentorles zijn sociale media een vast item.

“Ik praat met leerlingen over hoe je met elkaar omgaat in een groeps-app. Dat doe ik niet door te zeggen wat normaal en niet normaal is. Ik stel ze vragen. Ik vraag: ‘Wat vinden jullie normaal en niet normaal?’ Ze weten dat donders goed. Door daar in een open sfeer over te praten, kom je heel ver. Het is goed dat kinderen van elkaar horen wat hun ervaringen zijn. Meestal zijn ze de groeps-app al begonnen in groep 8. Ze hebben een verleden met elkaar. Ze zijn vaak al heel veel ervaringen rijker. En door ze te laten praten, merken ze hoeveel overeenkomsten ze hebben met elkaar.

“Als er problemen zijn, dan spelen die zich niet meer zozeer af in de pauzeop het schoolplein, maar via sociale media, op smartphones. Er wordt geroddeld, of leerlingen zijn verliefd en er worden dingen gezegd die ze beter niet hadden kunnen zeggen. Maar wij volwassenen kunnen ons daar soms te druk over maken. Ja, tieners maken fouten. Ze hebben woorden via sociale media, maar heel snel daarna staan ze weer samen op het voetbalveld, alsof er niks aan de hand is.Kinderen hebben een dikkere huid dan we vaak denken.”

Over de podcastserie 'Onder pedagogen'
In de podcastserie 'Onder pedagogen' gaat Remco Pijpers in gesprek met mensen uit het onderwijs over de leerling in de digitale samenleving. Dat doet hij vanuit een pedagogisch perspectief. Elke aflevering staan hij en zijn gast stil bij het perspectief van een invloedrijke pedagoog of denker.

Beluister hieronder de podcast of abonneer je via iTunes op de podcasts van Kennisnet.

Mar 13, 2017

In het Kennisnet Trendrapport 2016-2017 komt het begrip Internet of Things zeker twintig keer voor. Gaat deze technologische trend de komende vijf jaar nog een belangrijke rol spelen; of is het een hype?

Internet of Things als doorontwikkeling van het Internet
In deze podcast bespreken Michael van Wetering (Strategisch adviseur Innovatie) en Hans Pronk (onafhankelijk adviseur en internet expert) wat het Internet of Things is. En welke mogelijke toepassingen voorzien zij in het onderwijs voor deze(door)ontwikkeling van het Internet waarbij alledaagse voorwerpen verbonden worden met het netwerk en daarmee gegevens (data) uitwisselt.

Beluister het gesprek tussen Michael en Hans
Meer weten? Beluister deze podcast met Hans Pronk en abonneer je via iTunes. Je ontvangt nieuwe afleveringen daarna automatisch zodat je ze kunt beluisteren op je telefoon of tablet wanneer en waar jou dat goed uitkomt.

Mar 3, 2017

Op 23 januari 2017 nam Simone Walvisch afscheid als vicevoorzitter van de PO-Raad, de sectororganisatie voor het primair onderwijs (po). In deze Kennisnet podcast kijken we met haar terug op haar loopbaan en op het onderwerp innovatie en ict. Simone Walvisch begon haar carrière in 1981 als lerares Nederlands, waarna ze diverse bestuurlijke rollen vervulde. Bij de PO-Raad zag ze al vroeg de kansen van ict voor het onderwijs.

Volgens Toine Maes, directeur van Kennisnet, verdient Walvisch hier erkenning voor. "De PO-Raad heeft ict als strategisch belangrijk domein ten volle gezien en omarmd. Dat is in belangrijke mate de verdienste van Simone. Hoe zij het bestuursakkoord en het Doorbraakproject heeft ingezet als vehikels om de sector naar een hoger plan te tillen, getuigt van visie en lef."

Uitdagingen voor de leraar
In de podcast staat Walvisch onder meer stil bij de uitdagingen voor de leraar. "Ict kan helpen een kind naar een ander niveau te tillen", aldus Walvisch, "maar het bewust zijn van wat je doet, de reflectie op dat proces - daar heb je de leraar voor nodig. Ict kan de kwaliteit van het onderwijs alleen verbeteren, als we over meer leraren beschikken die goed kunnen observeren en analyseren. Dat vraagt om meer hoger opgeleide leraren."

Bestuurders moeten durven
Ook voor bestuurders is er nog werk aan de winkel. "Bestuurders moeten schooldirecteuren meer durven te bevragen over hun visie op onderwijs en ict. Nu willen de meeste bestuurders niet tornen aan de autonomie van de school. Je hoeft je schoolleiders ook niet een onderwijsvisie op te leggen. Maar wil het onderwijs vooruit met ict, dan moet de bestuurders de schoolleider wel meer vragen: 'Hoe heb je je middelen aan ict besteed?', 'Hoe pakte dat uit?', 'Wat ging goed?', 'Hoe kun je jezelf verbeteren?." Walvisch is vicevoorzitter af en een ridderorde rijker: op 24 januari werd ze voor haar onderwijsinzet benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau. Ze blijft voor twee dagen per week verbonden aan de PO-Raad als adviseur. "Ik ben nog niet klaar."

Beluister hieronder de podcast of abonneer je via iTunes op de podcasts van Kennisnet.

Feb 2, 2017

“Stel de relatie met de leerling voorop in het digitaal geletterd maken van kinderen, leg niet de nadruk op het aanleren van competenties.” Dat zegt Siebe Hentzepeter, (schoolleider basisschool De Witte Olifant in Amsterdam) in de Kennisnet podcast. Hij laat zich in dit gesprek inspireren door pedagoog Luc Stevens.

In de podcast, die je onderaan dit artikel kunt beluisteren, interviewt Remco Pijpers (strategisch adviseur digitale geletterdheid bij Kennisnet) Siebe Hentzepeter over het gedachtengoed van Luc Stevens.

Luc Stevens is directeur van het Nederlands Instituut voor Onderwijs- en Opvoedingszaken (NIVOZ) en was tussen 1981 en 2002 hoogleraar Orthopedagogiek aan de Universiteit van Utrecht. Stevens, voor veel scholen een grote pedagogische inspiratiebron, is wars van een ‘prestatiegerichte competitie tussen leerlingen en scholen’.

‘Een docent heeft liefde voor het kind en toewijding aan zijn of haar vak nodig. Het product van het onderwijs schuilt in het proces - de groei en talentontwikkeling van de leerling’, staat in zijn biografie op de website van NIVOZ.


Competentie, relatie en autonomie

Volgens Stevens vormen 3 basisbehoeften de leidraad bij goed onderwijs: competentie, relatie en autonomie. Dat is ook de leidraad in het werk van Siebe Hentzepeter en behulpzaam in het digitaal geletterd maken van leerlingen.

Hentzepeter is met zijn 74 jaar één van de oudste schoolleiders van het land. Hij heeft een bijzondere belangstelling voor technologische veranderingen in de samenleving en de impact daarvan op leerlingen. Hij gaat in op de vraag: Wat kunnen we leren van Luc Stevens in het digitaal geletterd maken van leerlingen?

“Heel simpel. Door te praten. Door vragen te stellen”, zegt Hentzepeter. “Wie zit er op sociale media? Wie houdt een vlog bij? Tot je verrassing blijken leerlingen dat al heel jong te doen. Die hebben volgers. En daar zit soms een kind bij van wie je dat totaal niet verwacht.

Zo’n leerling krijgt de kans erover te vertellen, heeft een succeservaring. Je ziet hem of haar dan bijna letterlijk groeien. Zo treed ik in hun wereld. En zij denken: hij mag wel een ouwe zijn, maar hij is wel op de hoogte. Ook al weet je misschien helemaal niet zo veel. Je legt een relatie door interesse te tonen voor hun digitale wereld.”

Zorgen over digitale tweedeling

Hentzepeter maakt zich zorgen over de digitale tweedeling, en maakt zich druk om het verschil in digitale vaardigheden tussen het type leerling dat bij hem op school zit (“met betrokken ouders, die reageren op verzoeken als je hun hulp nodig hebt”) en de leerlingen die het moeilijk hebben, zoals op de scholen in Amsterdam Zuidoost waar zijn 2 zonen lesgeven.

“Ik ben op 17 basisscholen in Amsterdam directeur geweest, ook in delen van Amsterdam waar kinderen niet gemotiveerd zijn om te leren. Dat is omdat ze allerlei problemen hebben. Ze komen moe op school, of ze komen helemaal niet school.

Op mijn huidige school hebben we tijd over en bespreken we welke stof we kunnen toevoegen. Chinees, programmeren, dat soort dingen. Mijn zonen moeten keihard werken om hun leerlingen bij te spijkeren in rekenen, begrijpend lezen, enzovoorts.

Maar eerst hebben ze zich te verdiepen. In hun leerlingen. Wat is de oorzaak van hun problemen? Wat blokkeert ze? Aan andere dingen kom je nauwelijks toe. Maar ook deze kinderen hebben digitale vaardigheden nodig. We moeten in Nederland veel meer doen om leerkrachten te ondersteunen daar toch een mouw aan te passen.”

Over de podcastserie 'Onder pedagogen'

In de podcastserie 'Onder pedagogen' gaat Remco Pijpers in gesprek met mensen uit het onderwijs over de leerling in de digitale samenleving. Dat doet hij vanuit een pedagogisch perspectief. Elke aflevering staan hij en zijn gast stil bij het perspectief van een invloedrijke pedagoog of denker.

Feb 1, 2017

Ict platforms bestaan uit onderdelen die van elkaar afhankelijk zijn om goed te kunnen functioneren, net zoals dier- en plantsoorten in de natuur van elkaar afhankelijk zijn om te kunnen overleven. Ik ben in gesprek met Hans Pronk die - als expert op het gebied van internettechnologie - zijn visie geeft op marktontwikkelingen en de conclusies die schoolbesturen daaruit kunnen trekken.

In deze podcast bespreken we de verschillende onderdelen waaruit een ict-ecosysteem is opgebouwd en welke afhankelijkheden verschillende leveranciers daarin hebben aangebracht. Het ecosysteem van een leverancier beoogt veelal integratie en samenwerking van onderdelen binnen dat systeem, maar welke beperkingen levert dat op als je combinaties van producten van verschillende leveranciers wilt gebruiken?

Bouwstenen van het ict ecosysteem

Het ecosysteem is het geheel van devices met hun besturingssysteem, appstore, beheer- & klassenmanagement mogelijkheden en het cloudplatform dat de kern vormt van zo’n systeem. De cloudomgeving bevat naast toepassingen vaak ook functionaliteit om devices eenvoudig te kunnen beheren en klassenmanagement te ondersteunen. Zo bevat Google apps for Education naast Google Classroom ook voorzieningen om Chromebooks eenvoudig te kunnen beheren. Die mobiele devices vormen een andere belangrijke bouwsteen die niet altijd elke cloudomgeving ondersteunen. Zo werken Chromebooks het beste samen met de Google cloudomgeving terwijl Windows Laptops vooral goed werken in de Office 365 omgeving en Apple devices zoals iPads in elke cloudomgeving goed functioneren.

Volg het business-model van de leverancier

De oorzaken van afhankelijkheden en beperkingen in ict ecosystemen zijn eenvoudig verklaarbaar uit de keuzes die leveranciers maken om inkomsten te genereren. Microsoft verkoopt software licenties en abonnementen, daarom is het in haar belang Microsoft software goed te laten werken op elk device. Apple verkoopt vooral devices en verdient aan de verkoop van apps, daarom bevordert ze een breed aanbod van applicaties op haar devices. Google’s genereert vooral inkomsten door haar gebruikers heel goed te kennen en hen een persoonlijk aanbod te kunnen doen. Dat begint bij de juiste zoekresultaten maar wordt altijd begeleid door gerichte advertenties waarvoor andere partijen hen betalen. Daarom biedt Google gratis clouddiensten aan die worden gefinancierd uit de advertentieinkomsten. Die clouddiensten zullen ook altijd gegevens over haar gebruikers verzamelen, dat vormt het fundament voor de gerichte advertenties die google verkoopt. Chromebooks zijn daarom ook uitsluitend gericht op het gebruik van (Google’s) clouddiensten en ondersteunen geen lokale toepassingen die immers niet bijdragen aan de profielinformatie van de gebruiker. Lettend op deze belangen is het goed mogelijk het gedrag van elke leverancier te voorspellen en zelf te beslissen welk ecosysteem en eigenschappen het beste past bij jullie school.
Tot slot is Amazon ook een belangrijke speler in de cloud, maar vooral op de achtergrond als toeleverancier van zeer efficiënte bouwblokken (opslag, rekenkracht) die het fundament vormen van de clouddiensten van een groot deel van de markt.

Beluister de podcast met Hans Pronk

Meer weten? Beluister hier de podcast met Hans Pronk en abonneer je via iTunes. Je ontvangt nieuwe afleveringen daarna automatisch zodat je ze kunt beluisteren op je telefoon of tablet wanneer en waar jou dat goed uitkomt.

Jan 25, 2017

We moeten leerlingen vooral kritische zin bijbrengen, kritische zin tegenover digitale beïnvloeding. Dat zegt Marjan Schwegman, biografe van Maria Montessori in de Kennisnet podcast waarin Remco Pijpers (strategisch adviseur digitale geletterdheid bij Kennisnet) Marjan Schwegman interviewt over Maria Montessori en de leerling in de digitale samenleving.

Hoe kun je je als schoolbestuur, schoolleider of als leraar laten inspireren door het gedachtegoed van de Italiaanse pedagoge om met digitale geletterdheid aan te slag te gaan?

Behalve Montessori-biografe was Marjan Schwegman tussen 2007 en 2016 directeur van het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (NIOD). Tevens was zij Bijzonder Hoogleraar Vrouwengeschiedenis aan de Universiteit van Utrecht.

Stel dat Montessori nu zou hebben geleefd, wat zou ze van tablets hebben gevonden?

Schwegman: "Dan zou ze vooral heel enthousiast zijn. Door middel van aanraking andere delen van de wereld te ervaren, zoals bijvoorbeeld Afrika, zou haar zeer hebben aangesproken. Een tablet stelt kinderen ook in staat zelf een zoektocht op te zetten, volgens de eigen voorkeuren, precies zoals zij belangrijk vond.

Wat ze wel problematisch zou hebben gevonden, is het risico dat je een scherm voor de werkelijkheid aanziet. Zij zou in het onderwijs een tablet altijd hebben gebruikt in combinatie met echte zintuiglijke ervaringen."

Denkend aan Montessori, wat is de belangrijkste leeropdracht, juist nu, in deze digitale tijden?

Schwegman: "Vrije ontplooiing, vooral het vrije, zoveel mogelijk vrij van beïnvloeding. Kinderen kritische zin bijbrengen ten opzichte van digitale beïnvloeding. Denk aan de beïnvloeding via advertenties op internet, maar ook aan de invloed van nepnieuws."

Moderne propaganda, zo noemt ze het verspreiden van nep-nieuws of het verdraaien van feitelijk nieuws. Ze ziet een belangrijke opdracht voor de docent om leerlingen te laten zien hoe digitale beïnvloeding werkt.

"Alleen al het behandelen van casussen in de les kan enorm leerzaam zijn. Neem het voorbeeld van een bericht over Sylvana Simons, die zou vinden dat het zwarte scheidsrechtertenue moet worden afgeschaft.

Dat nep-nieuwtje stond op een satirische website, bij wijze van grapje. Maar deze werd gedeeld op een serieuze Facebook-pagina, waar mensen het bericht voor waar hielden. En zo verspreidde het zich als ‘nieuws’ via sociale media. Als docent kun je dat met je leerlingen bespreken: hoe heeft het zover kunnen komen? Hoe gaat zoiets in zijn werk?"

Over de podcastserie 'Onder pedagogen'
In de podcastserie 'Onder pedagogen' gaat Remco Pijpers in gesprek met mensen uit het onderwijs over de leerling in de digitale samenleving. Dat doet hij vanuit een pedagogisch perspectief. Elke aflevering staan hij en zijn gast stil bij het perspectief van een invloedrijke pedagoog of denker.

Dec 31, 2016

Scholen in het po, vo en mbo geven sinds 3 jaar vorm aan gepersonaliseerd leren met het Zweedse concept Kunskapsskolan. “Het denken in doelen en het doorbreken van het jaarklassensysteem blijken grote uitdagingen”, zegt Madelief Keijser (zakelijk directeur Kunskapsskolan Nederland) in de Kennisnet podcast. We blikken daarin met haar terug op 3 jaar Kunskapsskolan in Nederland.

Keijser was vanaf het eerste uur betrokken bij de invoering van het Zweedse concept in ons land. Nederlandse scholen besloten na een inspirerend bezoek aan Zweden om óók stappen te zetten naar een gepersonaliseerd onderwijsconcept. Dankzij een samenwerking van 12 vo-scholen in het verband ZoLeerIk! raakte een marktpartij geïnteresseerd in verdere ontwikkeling, samen met de Zweedse moederorganisatie. Kunstskapsskolan Nederland timmert sindsdien voortvarend aan de weg in 3 onderwijssectoren.

Beluister de Kennisnet podcast met Madelief Keijser of abonneer je via iTunes en ontvang nieuwe afleveringen van de Kennisnet podcast automatisch en beluister ze op je telefoon of tablet.

Dec 14, 2016

Scholen moeten hun leerlingen weerstand leren bieden. Weerstand tegen het grote aantal digitale beïnvloeders in onze samenleving. Dat is één van de lessen die we kunnen leren van de invloedrijke Franse pedagoog Philippe Meirieu, aldus Simon Verwer (docent aan het Hyperion Lyceum) in de Kennisnet podcast over digitale geletterdheid. 

In de podcast, die je onderaan dit artikel kunt beluisteren, interviewt Remco Pijpers (strategisch adviseur digitale geletterdheid bij Kennisnet) Simon Verwer over het gedachtegoed van Philippe Meirieu (1949). Meirieu is hoogleraar aan de Universiteit Lumiere-Lyon 2 en auteur van meer dan 30 boeken. Hij dicht de school een belangrijke pedagogische opdracht toe. Het begrip weerstand is daarbij cruciaal.

Simon is docent Grote Denkers, filosofie en Frans aan het Hyperion Lyceum en vertaler van Meirieus boek ‘Pedagogiek: de plicht om weerstand te bieden’. Hij is van huis uit onderwijsfilosoof en besloot in 2015 om Philippe Meirieu te vertalen. Nog niet eerder verscheen van de Fransman een boek in het Nederlands. 

Weerstand tegen verlangen en impulsen
Verwer: "Bij weerstand bieden denk ik in eerste instantie vooral aan mijzelf versus de buitenwereld. In het werk van Meirieu gaat het weerstand bieden meer kanten op: een mens biedt weerstand aan verwachtingen en eisen die van buiten komen, maar ook aan de wereld in jezelf, zoals verlangen en impulsen.

Pedagogiek gaat volgens Meirieu om het aanleren van deze voortdurende balanceeroefening. Hij beschrijft hoe mensen (leerlingen) in staat kunnen worden gesteld om de kennis, vaardigheden en houding onderwezen te krijgen die hierbij horen.

”In de digitale aandachtseconomie van mijn leerlingen wordt voortdurende gesteden om hun tijd.”

Hoe vertaalt dat zich naar digitale geletterdheid? "In de digitale aandachtseconomie van mijn leerlingen is een voortdurende strijd gaande om zoveel mogelijk van hun tijd te krijgen. Ik praat met mijn leerlingen over de invloed van hun telefoon en alle andere beeldschermen. En ik train ze om gefocust te zijn. We oefenen geduld.”

De plicht om weerstand te bieden
“Maar ik zie het ook als mijn pedagogische opdracht ze te leren omgaan met hun schermen. Schermen hoeven van mij niet weg. Meirieu noemt het een ‘plicht om weerstand te bieden’. Weerstand bieden alleen is niet genoeg maar wel een voorwaarde om wenselijke situaties mogelijk te maken en onwenselijke situaties te weren.” 

Lees meer over het boek ‘Pedagogiek: De plicht om weerstand te bieden’ op de website van uitgeverij Phronese.

En lees ook ons eerder verschenen interview met Simon Verwer.

Over de podcastserie 'Onder pedagogen'
In de podcastserie 'Onder pedagogen' gaat Remco Pijpers in gesprek met mensen uit het onderwijs over de leerling in de digitale samenleving. Dat doet hij vanuit een pedagogisch perspectief. Elke aflevering staan hij en zijn gast stil bij het perspectief van een invloedrijke pedagoog of denker.

Nov 24, 2016

Zou Rudolf Steiner leerlingen digitaal vaardig maken, of ict juist bij ze weghouden, als hij nog zou leven? "Steiner zou niet vinden dat leerlingen digiziek worden van ict. Hij zou ze digibewust maken", zegt Freek Zwanenberg, auteur van de publicatie 'Vrijeschoolse mediapedagogiek', in de Kennisnet podcast over digitale geletterdheid.

Freek Zwanenberg (1980) was zelf oud-vrijeschoolleerling en werkt sinds 2007 op het vlak van mediaopvoeding en mediawijsheid. Voor Bureau Jeugd en Media verzorgt hij ouderavonden en workshops voor docenten. Sinds 2013 houdt hij zich bezig met het thema 'vrijeschoolse media-opvoeding'. Je kunt zijn publicatie 'Vrijeschoolse mediapedagogiek' downloaden op de website van de Vereniging van Vrijescholen.

In deze Kennisnet podcast interviewt Remco Pijpers (strategisch adviseur digitale geletterdheid bij Kennisnet) Zwanenberg over het gedachtegoed van Rudolf Steiner. Dit is de in 1925 overleden grondlegger van het antroposofisch gedachtegoed, waaruit onder meer het vrijeschoolse onderwijs is voortgekomen.

Beluister onderstaand de podcast of abonneer je via iTunes en ontvang nieuwe afleveringen automatisch en beluister ze op je telefoon of tablet.

Nov 1, 2016

Wat kunnen principes uit de projectmethodiek ‘Agile’ betekenen voor scholen die gepersonaliseerd onderwijs willen realiseren? Onderzoeker Guido van Dijk vertelt erover in de Kennisnet podcast. Van Dijk onderzoekt hoe Agile Learning uitpakt bij het vernieuwende onderwijsconcept Agora in Zuid-Limburg, waar Agile al 2 jaar wordt toegepast.

Beginnen bij wat de leerling al weet en kent, en hem daarna zijn eigen leervraag laten formuleren. Dit is het uitgangspunt van ‘Agile Learning’ bij Agora; een mix van alle vormen van voortgezet onderwijs binnen één groep.

Van Dijk voert promotieonderzoek naar Agile Learning uit voor het Welten Instituut; onderdeel van de Open Universiteit in Heerlen. Hij vertelt in de Kennisnet podcast over de werkwijze van Agile Learning en over de eerste ervaringen van docenten en leerlingen met deze leeraanpak. Ook vertelt hij over het bijzondere volgsysteem Target Process, dat interessant is voor meerdere scholen die bezig zijn met gepersonaliseerd leren.

Promotieonderzoek naar Agile-principes in het onderwijs
‘Agile’ werken wordt al langere tijd toegepast in de zakelijke omgeving. In de ict staat ‘Agile’ voor softwareontwikkeling in korte overzichtelijke periodes, die 'iteraties' worden genoemd. Ontwikkelteams werken hierbij intensief samen en proberen na iedere iteratie iets bruikbaars op te leveren. Na elke iteratie heroverwegen de ontwikkelaars de projectprioriteiten.

Van Dijk onderzoekt in hoeverre de Agile-principes toegepast kunnen worden in het onderwijs. Ook bij Agora wordt iteratief gewerkt in afgebakende blokken tijd met heldere doelen, die de leerling zelf stelt. Dit gaat gepaard met intensieve voortgangsbewaking en reflectie op behaalde resultaten. In zijn onderzoek kijkt van Dijk ook hoe deze aanpak bijdraagt aan de ontwikkeling van de 21e eeuwse vaardigheden van leerlingen; zoals creativiteit en samenwerken.

Borging met ‘professioneel kapitaal’
Binnen Agora bestaan geen vakken of verplichte onderdelen. Het docententeam vormt de professionele basis, waarmee geborgd wordt dat leerlingen zich ontwikkelen. Van Dijk onderzoekt in hoeverre de ervaring van docenten en het intensieve contact met leerlingen hen afdoende in staat stelt om de houvast en begeleiding te bieden die leerlingen nodig hebben.

Target Process: plan- en volgsysteem voor flexibel leren
Agora gebruikt het van oorsprong zakelijk georiënteerde softwarepakket Target Process, dat ontworpen is voor het beheren van Agile-ontwikkeltrajecten. Het pakket is aangepast voor Agora en wordt gebruikt om de planning van iedere individuele leerling vast te leggen in doelen en subdoelen.

De ‘performance’ of voortgang wordt geregistreerd en bij afronding van activiteiten wordt de evaluatie en reflectie vastgelegd. Op dit moment wordt binnen de ‘Technology Enhanced Learning Innovations (TELI) onderzoeksgroep, waar van Dijk deel van uitmaakt, bekeken hoe de kennis en ervaring met learning analytics kan worden toegepast binnen Target Process, zodat analyses van de voortgang docenten kunnen ondersteunen bij het bijstellen van de planning van leerlingen.

Meer informatie over Agora vindt je in ons boek ‘Scholen om van te leren’, dat je gratis kunt downloaden. En lees ook het rapport ‘Tegels van Agora’, waarin verslag wordt gedaan van het eerste jaar van Agora.

Oct 20, 2016

Veel scholen willen aan de slag met digitale geletterdheid. In deze Kennisnet podcast kijken we met lerares Hester IJsseling vanuit pedagogisch perspectief naar digitale geletterdheid met behulp van het gedachtegoed van onderwijspedagoog Gert Biesta. “Waartoe wil je dit? En waarom vind je het belangrijk? Deze vragen van Biesta zouden scholen ook moeten stellen”, vindt IJsseling.

Hester IJsseling is lerares op basisschool De Kleine Reus in Amsterdam. Ze is sinds 2003 als leraar in het basisonderwijs. Daarvoor was ze onderzoeker aan de universiteiten van Amsterdam en Nijmegen. Ze is gepromoveerd in de filosofie.

Het nieuwe lezen en schrijven
Digitale geletterdheid kun je zien als het nieuwe lezen en schrijven. Je kunt niet zonder in een samenleving die in zoveel opzichten óók digitaal is. Volgens SLO, het nationaal expertisecentrum curriculumontwikkeling, bestaat digitale geletterdheid uit een combinatie van 4 digitale vaardigheden: ict-basisvaardigheden, computational thinking (waartoe je programmeren kunt rekenen), mediawijsheid en informatievaardigheden. Maar is dat genoeg? Als je leerlingen die vaardigheden bijbrengt, ben je er dan?

IJsseling vindt dat onderwijspedagoog Gert Biesta vragen stelt die scholen ook zouden moeten stellen over digitale geletterdheid. Biesta is een onderwijspedagoog van Nederlandse origine die een poos in Schotland en andere buitenlanden gewerkt heeft, en die publiceert in het Engels. Zijn bekendste boek is ‘Het prachtige risico van het onderwijs’.

Aandacht voor het onbeheersbare in interactie
IJsseling: “Biesta vraagt aandacht voor het onbeheersbare in de interactie tussen leraar en leerling; voor het risico dat wat je wilt overbrengen niet aankomt bij die ander, of niet zoals jij zou willen. Hij ondergraaft het idee van evidence-based education. Hij vestigt de aandacht op 3 domeinen waarop je onderwijsdoelen zou moeten stellen: kwalificatie, socialisatie en subjectwording. Hij wijst op een disbalans daarin in het huidige onderwijs, die ten koste gaat van de aandacht voor subjectwording.”

Waartoe geef je onderwijs?
“Biesta vestigt aandacht op de vraag van het ‘waartoe’. Waartoe geven we onderwijs; wat is onze bedoeling daarmee? Totdat ik Biesta las, trof ik alleen boeken en artikelen aan over het ‘hoe’. Hoe geef ik effectieve instructie? Hoe haal ik hogere toetsresultaten? Hoe bereik ik de kerndoelen? In plaats van de vraag te stellen naar effectiviteit en efficiëntie, stelt hij de vraag: wat is goed onderwijs? Wat wil je?”

Podcasts over digitale geletterdheid
Dit is de eerste in een reeks Kennisnet podcasts over digitale geletterdheid, waarin mensen uit de onderwijspraktijk vanuit het perspectief van bekende onderwijspedagogen te kijken naar het kind in de digitale samenleving. Zo helpen we scholen met hulp van bekende pedagogen en hun gedachtengoed om een visie te ontwikkelen op digitale geletterdheid.
Beluister de podcast of abonneer je via iTunes op de podcasts van Kennisnet.

Sep 11, 2016

‘Scholen gaan te nonchalant om met de privacy van leerlingen’, kopte het Algemeen Dagblad nadat pedagogen en psychologen aan de alarmbel trokken over de wijze waarop scholen omgaan met persoonsgegevens van leerlingen. Hoe kun je als school wél goed omgaan met de privacy? Job Vos, privacy-expert bij Kennisnet, vertelt het in deze Kennisnet podcast.

Uit een enquête van de Nederlandse Vereniging van Pedagogen en Onderwijskundigen (NVO) en het Nederlands Instituut van Psychologen (NIP) blijkt dat scholen regelmatig de privacy van hun leerlingen schenden. Ze delen te vaak (digitaal) dossiers en persoonsgegevens met hulpverleners en andere organisaties, zonder dat ouders daarvan op de hoogte zijn gesteld. Naar aanleiding van de enquête zijn Kamervragen gesteld aan staatssecretaris Dekker.

Toestemming vereist voor delen leerlinggegevens

“Als scholen gegevens willen delen, moeten ze aan ouders toestemming vragen”, zegt privacy-expert Job Vos in de Kennisnet podcast. “Alleen in noodgevallen geldt die regel niet, bijvoorbeeld bij verdenkingen van kindermishandeling. In andere gevallen overtreden scholen strikt genomen de wet.” Vos signaleert dat ouders steeds meer bewust zijn van privacykwesties. Scholen kunnen er volgens hem daarom op rekenen dat ouders vaker en eerder aan de bel zullen trekken over de manier waarop scholen omgaan met persoonsgegevens van hun kinderen. Bijvoorbeeld het delen van persoonsgegevens met leveranciers van digitale leermiddelen en andere systemen.

Schoolbesturen verantwoordelijk voor privacy

“De PO-Raad en VO-raad hebben samen met Kennisnet initiatieven ontplooid en hulpmiddelen ontwikkeld die scholen helpen om de privacy van leerlingen goed te kunnen beschermen. Maar uiteindelijk zijn schoolbesturen er zelf verantwoordelijk voor dat op hun scholen de juiste afspraken worden gemaakt zodat zorgvuldig wordt omgegaan met privacy”, zegt Vos.

Dat betekent volgens de privacy-expert dat er werk aan de winkel is, want in 2018 treedt er nieuwe Europese privacyregelgeving in werking. Die zorgt er enerzijds voor dat leveranciers van leermiddelen aan strengere voorwaarden moeten voldoen. Anderzijds leidt dit ertoe dat scholen fikse boetes kunnen krijgen als ze hun privacyzaken niet op orde hebben. Vos ziet echter ook kansen om de omgang met persoonsgegevens zo in te richten dat scholen zonder problemen met maatwerk aan de slag kunnen, terwijl daarbij vaak nog meer gegevens worden verzameld.

Beluister de Kennisnet podcast en ontdek hoe je op jouw school werk kunt maken van privacy. In het onderwerp ‘Privacy’ vind je hulpmiddelen om met dit thema aan de slag te gaan. Abonneer je via iTunes op de podcast en ontvang nieuwe afleveringen automatisch en beluister ze op je telefoon of tablet.

Jul 12, 2016

Binnen bestuur en school kennis uitwisselen, met elkaar samenwerken en daarbij eenvoudig kunnen beschikken over informatie die verspreid is over diverse systemen. PO-besturen hebben daarvoor gezamenlijk ‘Mijn Onderwijsportaal’ ontwikkeld, een kennis- en communicatieplatform voor bestuurders, directie en leraren. Projectleider onderwijsinnovatie en ict Kristian van den Berg vertelt in deze Kennisnet podcast over het wat, hoe en waarom van dit binnen Office 365 zelf samengestelde cloudplatform voor PO besturen.

Van den Berg is als projectleider werkzaam bij zowel SKO Flevoland en Veluwe, waar zijn wortels liggen als leraar en adjunct directeur, als bij Onderwijsbureau Meppel, een cooperatieve vereniging waar zijn eigen bestuur lid van is.

Veilig kennis- en communicatieportaal moet op maat bedienen

Om te kunnen komen tot een veilig en effectief kennis- en communicatieportaal hebben de besturen binnen Onderwijsbureau Meppel samen nagedacht over de gewenste vorm en functie van zo’n omgeving. Al snel werd duidelijk dat iedereen, van bestuurder tot leraar en straks ook leerlingen, op basis van rol en functie binnen het bestuur moet kunnen beschikken over de informatie en functionaliteit die hij/zij nodig heeft om goed te kunnen werken. Op basis van de eigen login in het webportaal wordt hun omgeving op maat klaargezet.

Het onderwijsportaal brengt ook verandering in werkwijze met zich mee

Het delen van kennis met collega’s, bijvoorbeeld lesmateriaal, en het beschikbaar stellen van scholing via het portaal vraagt ook een verandering in de manier waarop leraren werken. Hoe kunnen ze de informatie- en communicatiemogelijkheden die het portaal via Internet voor elke collega in elke school beschikbaar stelt benutten in hun dagelijkse activiteiten? Onderwijsbestuurders zijn enthousiast omdat ze in het portaal kunnen beschikken over managementinformatie die uit diverse systemen wordt samengebracht. Een werkwijze waar ook de pakketleveranciers aan moeten wennen omdat die graag de regie op het gebruik van de informatie opgeslagen in hun producten in eigen hand houden. Besturen kunnen dankzij deze samenwerking een duidelijke en krachtige marktvraag stellen. Een redactieteam samengesteld uit een redacteur per school kijkt gezamenlijk naar knelpunten bij het gebruik en stelt vast welke nieuwe, aanvullende functies gewenst zijn. Als het portaal bij leraren goed in gebruik is genomen wordt ook de uitbreiding naar leerlingen opgepakt.

Beluister onderstaand de podcast of abonneer je via iTunes en ontvang nieuwe afleveringen automatisch en beluister ze op je telefoon of tablet.

Jul 5, 2016

De grote technologie bedrijven zoals Microsoft, Google en Apple hebben elk hun visie op kunstmatige intelligentie. In deze Kennisnet podcast bespreken we consequenties van hun plannen voor leren, leven en werken. Verder een update op Virtual Reality en de impact van de geschetste ontwikkelingen op de persoonlijke leeromgeving in het onderwijs.

In hun jaarlijkse conferenties voor ontwikkelaars doen Microsoft, Google en Apple uit de doeken welke producten en diensten ze zullen lanceren in het najaar. Olaf, Wietse en Michael onderzoeken die plannen kritisch en schetsen de kansen voor persoonlijker onderwijs en onderzoeken de bedreigingen van een mogelijk onbeheersbare kunstmatige intelligentie voor onze maatschappij.

Machine learning: praten met bots in plaats van rondklikken op schermen?
Wat betekent ‘machine-learning’ voor onderwijs? We bespreken de insteek uit het Kennisnet trendrapport en de betekenis van deze ontwikkeling voor leermiddelen. Daarnaast zien we een nieuwe toepassing van kunstmatige intelligentie bij alle marktpartijen: de inzet van bots, computergestuurde gesprekspartners, die in een chat of messaging app ‘luisteren’ naar onze vraag of bestelling. Het doel is de drempel te verlagen om bijvoorbeeld een verzekering af te sluiten of een schade te melden. Toepassing van deze technologie in begeleid, adaptief leren liggen voor de hand, hoewel we de eerste aankondigingen daarvan nog niet gezien hebben.

Virtual en Augmented Reality nog in de hype-fase?
Na een uitgebreide bespiegeling op Virtual Reality in een eerdere podcast bespreken we kort de recente aankondigingen op VR en AR gebied. Onze conclusie blijft staan: er wordt veel geïnvesteerd in en gesproken over VR en AR maar de mogelijkheden tot daadwerkelijke toepassing van in het onderwijs inzetbaar leermateriaal met betaalbare apparatuur zal nog wel even op zich laten wachten.

Bouwblokken voor de persoonlijke leeromgeving
In het Kennisnet trendrapport wordt een schets gegeven van de online leeromgeving die kan ondersteunen bij het vormgeven van onderwijs dat aansluit op de persoonlijke behoeften en wensen van leerlingen. Aankondigingen in Google Classroom geven ons het idee dat de bouwblokken voor zo’n leeromgeving zich snel ontwikkelen. Het organiseren, volgen en reflecteren op leerroutes wordt steeds beter ondersteund. We verwachten combinaties of zelfs integraties met Mobile Device Management (MDM), een ontwikkeling die het mogelijk maakt het gebruik van persoonlijke devices in de klas beheersbaar vorm te geven.

Beluister hier de Kennisnet podcast of abonneer je via iTunes en ontvang nieuwe afleveringen automatisch in je podcastclient op je telefoon of tablet.

Jun 28, 2016

Leerlingen hun creativiteit laten benutten binnen het leerproces. Docenten ondersteunen als architect, als chefkok van z’n eigen les. Hoe kan ict daarin ondersteunen? Docent informatica en nieuwe media Evert-Jan Oppelaar vertelt in deze Kennisnet podcast over zijn project om duurzaam onderwijs te ontwikkelen op het Herbert Vissers College (HVC) in de Haarlemmermeer, een school met iPads maar geen iPad-school.

Oppelaar is naast docent ook mentor en ict-coördinator bij het HVC. In 2015 won hij de Onderwijs Pioniers-trofee als leider van een project waarin hij met vijf collega’s aan de slag ging met het ontwerpen van eigen lessen in plaats van de lesboeken. Daarmee wil hij de creativiteit van zowel leerlingen als collega-docenten activeren met gevarieerde en uitdagende lessen.

Hoe veranderen? Gewoon beginnen!

Oppelaar is zelf begonnen om zijn vak Informatica te geven zonder boek, dat vond men ook ‘logisch’. Enkele jaren later heeft hij zijn collega’s uitgedaagd om ook in hun lessen na te denken over een eigen invulling en de regie in handen te nemen. Dat resulteerde in het project bij de Onderwijs-pioniers. Binnen het Leerlab Curriculumbewustzijn, onderdeel van het Doorbraakproject Onderwijs & ICT, wordt het initiatief vervolgd in samenwerking met vijf andere onderwijsinstellingen verspreid over Nederland.

Curriculum als startpunt bij het vormgeven van gevarieerd onderwijs

Voordat je de eigen lessen vrijer kunt invullen moet je eerst weten wat er totaal moet gebeuren in een vak vindt Oppelaar. Dan kun je in de lessen werken aan het ontwikkelen van probleemoplossend vermogen en het kritisch denken van leerlingen, ‘te leren te weten wat je moet doen als je niet weet wat je moet doen’ is zijn motto. Dat is nodig omdat kennis alleen niet voldoende is en bovendien snel verouderd, zo heeft Oppelaar zelf in het bedrijfsleven ervaren. Op zijn school wordt ook team-teaching toegepast in proeftuinen waarin geexperimenteerd wordt met vakoverstijgend onderwijs.

Een school met iPads, maar geen iPad-school

Het HVC kent na een pilot die gestart is in 2 Gymnasium nu een 1-op-1 situatie waarbij elke VWO leerling vanaf het eerste jaar over een (zelf aangeschafte) iPad beschikt. Dat device wordt gericht ingezet waar nuttig en nodig, net als alle andere middelen in het onderwijs. Bij het uitvoeren van opdrachten zijn dat digitale werkomgevingen voor video, mindmaps en andere multimodale communicatiemiddelen. Oppelaar is het niet eens met de kritiek dat de iPad ‘niet geschikt is om op te werken’, ook tekstinvoer is prima mogelijk. Teveel tekstinvoer acht hij onwenselijk omdat de hogere denkvormen die de ontwikkeling van probleemoplossend, kritisch denken stimuleren om creatievere, verdiepende inzet van de tablet vragen. Dat gaat verder dan boeken achter glas of het typen van lange teksten. De techniek is dankzij de eenvoud van de tablet een vanzelfsprekendheid die rust geeft en daarmee ruimte biedt voor het onderwijs en de docent als professional.

Beluister hier de podcast of abonneer je via iTunes op de podcasts van Kennisnet en ontvang nieuwe afleveringen automatisch en beluister ze op je telefoon of tablet.

Jun 6, 2016

Bij het leveren van maatwerk, lopen scholen vroeg of laat tegen zaken als: hoe kan ik op de actuele vraag van de leerling inspelen en wat voor soort rooster hoort daar bij? Hoe kunnen we voorspellen wat groepen leerlingen de komende maanden aan les en ondersteuning nodig hebben zodat we de inzet van leraren hierop kunnen afstemmen?  

Hoogleraar Technische bedrijfskunde Iris Vis (RUG) is gespecialiseerd in logistiek en onderzoekt de toepassing van Lean in het voortgezet onderwijs. Voor zowel profit (bijv. de transportsector) en non-profit instellingen als bibliotheken en scholen houdt ze zich bezig met onderzoek naar het ontwikkelen van innovatieve logistieke concepten, die er op gericht zijn complexe en dynamische processen te optimaliseren, kwaliteit te verhogen en verspilling te voorkomen.

Nu ook LEAN voor de kernprocessen van het onderwijs

Een groep samenwerkende scholen in het VO, Zo.leer.Ik! werkt in hun stappen naar personalisering graag samen met Iris Vis en haar team. De interviews met de onderzoekers zorgen dat de betrokkenen uit de school op een heel inzichtelijke wijze alle processen waaruit het onderwijs bestaat, kunnen beschrijven. Het levert de ene eyeopener na de andere op. De organisatie van de school rust op veel vanzelfsprekendheden, maar die worden allemaal uitgedaagd vanuit de vraag: gelden die nog wel als we maatwerk willen leveren?

Dit proces kan veel voor de organisatie van het onderwijs gaan betekenen. Momenteel is een eerste verkennende fase van onderzoek afgerond die al een aantal inzichten heeft gegeven maar ook vele vragen voor verder onderzoek heeft opgeleverd en daarmee een opmaat vormt voor verder onderzoek naar het ontwikkelen van nieuwe logistieke en lean concepten voor het voortgezet onderwijs.

We spreken Iris over de ontdekkingen in het onderzoek tot nu toe en het belang van een vervolgonderzoek naar een meer logistieke kijk op onderwijsprocessen.

Mar 28, 2016

Job Christians mede-oprichter en directeur van onderwijsadviesbureau Onderwijs Maak Je Samen is ook uitgever van een hele reeks boeken over leiderschap in het onderwijs. Vooral de vertalingen van de boeken van Canadese grootheid Michael Fullan, vinden gretig aftrek.

In deze 21 minuten durende podcast gaan Frans Schouwenburg en Michael van Wetering in gesprek met Job over het net verschenen boek Vrijheid in verandering, van Michael Fullan. Het is een boek dat een antwoord geeft op de meest lastige aspecten bij het leidinggeven aan veranderen: Hoe creeer je een cultuur van samenwerking, feedback, verantwoording en verspreiding? Hoe kun je de complexe werkelijkheid van een school terugbrengen tot een behapbare en begrijpelijke simpelheid, ofwel Simplexiteit? Zoals altijd in de vertalingen van OMJS en hun partner Stichting de Brink, is het laatste hoofdstuk niet van Fullan, maar een reflectie op het boek vanuit de Nederlandse situatie.

Genoeg gespreksstof dus en veel te beluisteren voor iedereen die in het onderwijs werkt, want 'leidinggeven vanuit het midden’ in een professionele cultuur, is niet alleen voorbestemd aan de formeel leidinggevenden in de school maar aan iedereen.

Het boek is te bestellen op: http://www.onderwijsmaakjesamen.nl/magento/vrijheid-in-verandering-leidinggeven-complex-of-toch-simpel.html 

Mar 21, 2016

Op de SXSWedu conferentie - onderdeel van het SouthBySouthWest festival - bespreekt een internationale gemeenschap van leraren, schoolleiders en leveranciers in de onderwijsmarkt de toekomst van onderwijs. In deze Kennisnet podcast vertellen Sanne van de Ven en Erik Woning - beide consultants innovatie bij het Lab to Learn van IT-Workz - over de hoogtepunten van hun bezoek aan SXSWedu 2016.

In deze 52 minuten durende podcast spreken Sanne en Erik met kennisnetexperts Wietse van Bruggen en Michael van Wetering over de opzet van SXSWedu en enkele memorabele keynotes zoals omgaan met verschillen tussen leerlingen en het zelfstandig verkennen van toekomstscenario’s en hoe daarin je eigen kracht en talent een plek kunnen krijgen.

Omgaan met verschillen en dynamiek

Temple Grandin - autist en hoogleraar aan de Colorado State University - vertelt in haar opening keynote van SXSWedu over het omgaan met verschillen tussen leerlingen, puttend uit haar eigen ervaringen en moeizame start in het onderwijs. Een pleidooi voor het prikkelen van nieuwsgierigheid.

Jane McGonigal - game designer en futurist bij ‘The Institute for the Future’ - legt in haar keynote toe hoe je zelf in enkele eenvoudige stappen scenario’s kunt ontwikkelen van de toekomst. Sanne legt uit dat Jane's advies daarbij is om trends te verzamelen en te combineren en daarvan scenario’s te ontwikkelen door je persoonlijke kracht en talent eraan toe te voegen. Zo geeft Jane een voorbeeld waarbij Virtual Reality gecombineerd wordt met 3D-geprint voedsel waarbij de unieke structuur van het eten en de VR ervaring een geheel andere beleving van gezond en verantwoord voedsel geeft.

Ondernemerschap, maker en de startup competitie edu launch

Het stimuleren van ondernemerschap in onderwijs is een belangrijk thema op de conferentie. Leerlingen met een ondernemende houding blijken de beste resultaten te boeken. Maker education krijgt ook op SXSWedu veel aandacht, met een duidelijke koppeling met 21st century skills en digitale geletterdheid. De rode draad in het programma is personalisatie en de toepassing van Design Thinking. Todd Rose - auteur van ‘The End of Average’ - benadrukt dat vooral een verandering van mindset nodig is om onderwijs meer te baseren op individuele behoeften van leerlingen.

Erik vestigt tot slot de aandacht op edu launch, een competitie tussen innovatieve startups in het onderwijs die elk hun tool of app presenteren aan een professionele jury. De winnaar van 2016 is de app ‘Elsa Speak’ die niet-native sprekers helpt om hun uitspraak van bijvoorbeeld engels te verbeteren.

Lees meer over Sanne en Erik’s bezoek aan SXSWedu op het blog van Lab to Learn. Beluister hier het gesprek met Sanne en Erik of abonneer je via itunes op de podcasts van Kennisnet en beluister ze op je telefoon of tablet.

Mar 6, 2016

Met iOS versie 9.3 biedt Apple leraren binnenkort nieuwe mogelijkheden om het gebruik van devices binnen en buiten de klas te regisseren. In deze Kennisnet podcast vertellen Marcel Hoogstoevenbeld en Fons van den Berg - beide Apple distinguished educators - hoe Apple het onderwijs flexibeler en leerlingen zelfstandiger maakt.

In deze 20 minuten durende podcast spreken Marcel, teamleider en ict-coördinator op de Haarlemse Paulus Mavo, en Fons, Apple education trainer, met kennisnetexperts Frans Schouwenburg en Michael van Wetering over hun werk in het Onderwijs en hun ervaringen daarbij met de producten en diensten van Apple. Deze podcast besluit een drieluik van gesprekken na eerdere podcasts met Google en Microsoft.

Flexibel onderwijs voor leerlingen
Marcel vertelt over zijn school, hij ziet hoe devices de school openen doordat leerlingen flexibeler zijn en ook buiten de klas en de school opdrachten kunnen uitvoeren. Marcel’s collega leraren maken daarbij gebruik van iTunesU waarin ze een complete cursus samenstellen uit bronmaterialen, apps en opdrachten. Ze kunnen binnen die omgeving ook het ingeleverde werk van leerlingen beoordelen. Fons licht toe dat de Apple iCloud omgeving daarbij de individuele leerling of leraar veilige toegang biedt tot hun werk en gegevens, onafhankelijk van locatie of device.

Klasmanagement met Mobile Device Management?
Fons vertelt hoe Apple binnenkort met haar nieuwe software de ondersteuning van onderwijs uitbreidt. Met de classroom app kunnen leraren individuele leerlingen leermateriaal en apps aanreiken of tijdelijk de beschikbaarheid van apps beperken. Ook wordt het mogelijk iPads te delen met meerdere leerlingen, waarbij ieder beschikking heeft over eigen apps en opgeslagen gegevens op de gedeelde iPad.

Als voorloper op het gebied van Mobile Device Management laat Apple duidelijk zien dat hiermee klasmanagement mogelijk wordt. De leraar krijgt zelf steeds meer regie over de inzet van devices in de klas, technische ict-ondersteuning in de klas en de school verdwijnt gelukkig naar de achtergrond. Lees meer over Apple in het Onderwijs op de onderwijswebsite.

Beluister hier het gesprek met Marcel en Fons of abonneer je via iTunes op de podcasts van Kennisnet en beluister ze op je telefoon of tablet.

Feb 16, 2016

In deze podcast spreken Frans en Michael met Claire Boonstra, initiatiefnemer van Operation Education, een organisatie die voeding geeft aan de revolutie in het onderwijs.

We spreken met Claire over haar nieuwe initiatief: Onderwijsvragen. In deze 19 minuten durende podcast vertelt Claire over haar motivatie om in het onderwijs verandering teweeg te brengen. Claire: ‘Tussen de enorme diversiteit die zichtbaar is bij mensen en de diversiteit in talent die de samenleving (steeds meer) vraagt lijkt het onderwijs nu een trechter die maar een paar kwaliteiten waardeert.’

Waarom hebben we lange zomervakanties? 10 minuten gesprekken? Cito toetsen?

In haar nieuwste initiatief: onderwijsvragen vraagt Claire zich hardop af waarom de manier waarop het onderwijs nu is ingericht zo vanzelfsprekend is. Dit zijn ogenschijnlijk eenvoudige vragen zoals: waarom hebben we zulke lange zomervakanties? of: waarom duren 10 minuten gesprekken 10 minuten? of: waarom hebben we ooit gekozen voor de invoering van de cito toets? Voor een goed onderbouwd antwoord op deze en nog veel meer vragen gaat Claire te rade bij wetenschappers die met hun onderzoek soms tot verrassende conclusies komen. Binnenkort treedt Claire naar buiten met haar onderwijsvragen met ondersteuning van de landelijke media. Suggesties voor goede vragen zijn zeer welkom! Bijvoorbeeld via Twitter met hashtag #onderwijsvraag.

Beluister hier het gesprek met Claire of abonneer je via iTunes op de podcasts van Kennisnet en beluister ze op je telefoon of tablet. Reacties op de podcast zijn van harte welkom @kennisnet.

Jan 23, 2016

In deze podcast spreken Frans en Michael met Marthe Straatemeier, Directeur van Oefenweb, een spinoff van de Universiteit van Amsterdam. Oefenweb, aanbieder van onder andere Rekentuin en Taalzee, komt voort uit het promotieonderzoek van Marthe binnen de programmagroep Psychologische Methodenleer onder leiding van professor Han van der Maas. We bespreken met Marthe de ontwikkelingen in adaptieve leermiddelen en de impact daarvan op de leraar en de school.

In 21 minuten vertelt Marthe hoe adaptieve oefenomgevingen zoals Rekentuin ook als nauwkeurig volgsysteem dienen door het voortdurend meten van het niveau van elke leerling. Wat direct opvalt is dat de diversiteit in niveau binnen een groep leerlingen enorm is. Zo zit 20% van de leerlingen op het niveau van twee groepen hoger en een vergelijkbare groep heeft het niveau van twee groepen lager. Hoe kan een leraar omgaan met zulke niveauverschillen? Differentiatie op drie niveaus volstaat daarbij niet.

Geven Dashboards inzicht en regie op het leerproces?
Bij het gebruik van meerdere digitale leermiddelen, oefenomgevingen en apps is het steeds lastiger overzicht te behouden over de groep leerlingen die een leraar begeleid. Marthe vertelt over de stappen die door samenwerkende marktpartijen worden gezet om tot Dashboards te komen die dat overzicht beogen te bieden. Dit is zeker niet eenvoudig te realiseren omdat de koppeling moet worden gemaakt tussen het niveau van de leerling in het leermiddel en de leerdoelen die behaald moeten worden.

Is digitaal toetsen nog nodig met adaptieve oefenomgevingen?
CITO heeft een minderheidsbelang in Oefenweb en is natuurlijk een uitgelezen gesprekspartner om de koppeling te leggen tussen oefening, beheersingsniveau en het beoordelen of leerdoelen gehaald zijn. Marthe verwacht dat adaptieve oefenomgevingen en leermaterialen, die voortdurend formatief toetsen, de frequentie van toetsen terug kunnen brengen. Voor het formeel vaststellen van het niveau van een leerling blijven summatieve toetsen (voorlopig) nog wel wenselijk.

Beluister hier het gesprek met Marthe of abonneer je via iTunes op de podcasts van Kennisnet en beluister ze op je telefoon of tablet. Reacties op de podcast zijn van harte welkom @kennisnet.

1 2 3 Next »